Bussemaker: bijverdiengrens studenten blijft

Masterstudenten krijgen vanaf 2014 geen basisbeurs meer en hoewel de plannen nog niet helemaal rond zijn, volgt het sociale leenstelsel ook voor andere studenten in de toekomst. PvdA en VVD willen dat de bijverdiengrens van 13.531,- euro verdwijnt, zodat studenten zonder basisbeurs minder hoeven te lenen. De oppositiepartijen GroenLinks en SP sluiten zich hierbij aan en CDA is voor een verhoging van de bijverdiengrens. Bussemaker vindt echter dat studenten die recht hebben op een aanvullende beurs en een ov-jaarkaart gewoon aan de bijverdiengrens moeten voldoen. Masterstudenten hebben voorlopig nog wel recht op een ov-kaart en mogen dus niet extra bijverdienen om het collegegeld te kunnen betalen.

Bijverdiengrens

Het idee achter de bijverdiengrens is dat studenten die veel bijverdienen, geen studiefinanciering nodig hebben. Op het moment dat iemand met een basisbeurs, aanvullende beurs of ov-kaart boven de grens van 13.531 euro komt, vervalt een deel van hun rechten op de financiering en moeten zij een gedeelte van de beurs of de hele beurs terug betalen. Zonder basisbeurs heeft de uitwonende student 3.200 euro per maand minder te besteden en een thuiswonende student 1.200 euro. Als het aan Bussemaker ligt, kunnen studenten dit niet compenseren door iets harder te werken.

Lenen

Studenten lenen steeds vaker om het collegegeld en de bijbehorende studiematerialen als boeken te kunnen bekostigen. Op dit moment leent 38% van de studenten en wordt er gemiddeld 365 euro per maand geleend. Als de studiefinanciering vervalt en studenten hun hele studie het bedrag wat ze nu krijgen moeten lenen, wordt het aantal studenten dat een studieschuld opbouwt alleen maar hoger. Als studenten meer mogen verdienen zonder het recht op ov-kaart of aanvullende beurs te verliezen, zouden ze dat kunnen compenseren met extra inkomsten.

Laat een reactie achter